FIETSEN: Woest&Bijster

Woest&Bijster is een tweejaarlijks kunstfestival, geboren in  Bennekom, maar dit jaar voor het eerst uitgerold in een veel groter gebied op de Zuidwest-Veluwe (Ede, Otterlo, Bennekom, Renkum, Wageningen). Negentien kunstwerken kun je in de ‘woeste’ natuur tegenkomen tussen 6 augustus en 30 oktober 2022, en dat mag je ‘bijster’ veel of ‘bijster’ weinig vinden op een fietsroute van vijfenzestig kilometer.  Bovendien zijn sommige kunstenaars het spoor nog ‘bijster’, want zij zijn ‘Artists in Residence (AIR)’, hetgeen wil zeggen dat ze de eerste maand (6 augustus tot 10 september) nog bezig zijn hun nieuw werk te bedenken en te maken.

Een mooie afstand voor een fietstocht vanuit huis in Wageningen op dinsdag, 23 augustus 2022, zonder de illusie te hebben om alle negentien kunstwerken te kunnen behappen. Over de Wageningse Eng, langs Villa Sanoer, met een venijnig klimmetje in het Bosch van Nol, fiets ik naar de voormalige Wageningse stortplaats De Keijenberg tussen Heelsum en Bennekom. De afgedichte stortplaats ligt er vredig bij, met her en der een verhoging van uitstoelende plukken Japanse duizendknoop. Gedurende deze kunstmaanden ligt er een heksenkring van pianoharpen, de fijnbesnaarde ingewanden van oude piano’s, die door de elementen bespeeld mogen worden. Als amateur pianist ben ik enthousiast over deze ‘Natuur Partituur’ (No.1) van Martijn Mossing Holsteijn.

Een solitair plantje langs de kant van het fietspad dat ik niet meteen kan thuisbrengen blijkt thuis de ‘echte guldenroede’ te zijn, een kwetsbare soort. We kennen allemaal de woekerende tuinplant ‘late guldenroede’ en/of ‘Canadese guldenroede’, maar echte guldenroede gedraagt zich niet zo invasief en is daarom een stuk zeldzamer en kwetsbaarder. Voor mij een eerste bewuste kennismaking.

Ik fiets binnendoor via de Boswachterij Oostereng naar de Panoramahoeve. Langs de Panoramaweg liggen vele grafheuvels en ‘Celtic fields’. Bovengronds is van de ‘Celtic fields’ meestal weinig meer te zien, zelfs niet de contouren van de akkertjes, bedekt als ze zijn door heide. Heidi(!) Linck heeft met ‘Guide Lines’ (No.8) de contouren zichtbaar mogen maken met gekleurde kerstballen op bamboestokjes, goed te overzien vanaf het uitkijkplatform.

Via het tunneltje Buunderkamp kruis ik de A12 en iets verderop de Verlengde Arnhemseweg bij Restaurant Planken Wambuis. Onderweg verbaas ik me over de vele planten helmkruid langs het fietspad. Ze dragen nu vruchtjes die met kleppen openspringen en volop het fijne zaad verspreiden, maar ik heb dan in een eerder stadium de planten in bloei (bijzondere bloemen van geoord, knopig en/of gevleugeld helmkruid) gemist.

Geschokt kijk ik in Planken Wambuis naar enkele grote percelen naaldbomen die volledig afgestorven zijn, alsof er de brand in heeft gestaan. De afbladderende schors zit vol met piepkleine ontsnappingsgaatjes van de letterzetter, een klein kevertje dat zijn kans grijpt nu de bomen door droogte verzwakt zijn. Ieder nadeel heeft zijn voordeel. We waren toch al van plan om onze eentonige naaldbossen gevarieerder te maken. Uithuilen dus, opruimen en opnieuw beginnen.

De Oud-Reemsterhei staat wel in bloei, maar het is niet van harte, ook een gevolg van de afgelopen droge jaren. Zelfs de oude waterput op de heide staat droog, maar dat is al veel langer het geval. Binnenin een metalen rooster, een meter onder de putrand om ongelukken te voorkomen. Een Vlaamse dame steekt net haar hoofd boven de rand uit voor een dramatische foto: “Help, mijn vrouw verzuipt”. Onder het rooster groeit een prachtige populatie van de steenbreekvaren.

De put is gebruikt door Javier Garcia Vicente en Erik Woltmeijer voor een drieluik ‘Glow in the dark’ (No.15). Maar omdat je hier ’s nachts niet mag komen, moet je het oplichten van de put in het nachtelijke landschap aanschouwen op een grote foto (No.15C). Een eindje verderop geldt dat ook voor enkele nachtelijk oplichtende bomen op een stuifduin (No.15B).

Bij Boerderij Mossel zijn twee van de zes ‘Artists in Residence’ nog bezig met hun werken. Maar ik krijg niets te zien. Het is vandaag dinsdag en een klein bordje meldt dat Lucas Sloot (No.13) aanwezig is op alle dagen behalve dinsdag (en woensdag), en Jelle van Kuilenburg (No.14) is aan het werk van woensdag tot en met zondag. 

Ik fiets door een afwisseling van bos en heide naar Otterlo. Planken Wambuis gaat over in Roekel. Onderweg een flink aantal permanente kunstwerken langs het fietspad van de hand van Adri Verhoeven (een serie van twaalf ‘Steenbeelden’). Deze hebben niets met Woest&Bijster te maken, maar het is wel mooi meegenomen. Hij werkt vooral met ruwe en gladde stenen, zoals de groepjes gepolijste keien op de heide die met enige fantasie als ‘schaapskudde’ door het leven kunnen gaan.

Otterlo is duidelijk een ‘hotspot’ tijdens het vakantieseizoen. Vele vakantieparken die leiden tot drukte op de fietspaden met vervoersmiddelen die net weer even anders zijn dan een gewone fiets en blijkbaar het ultieme vakantiegevoel oproepen. Van het kunstwerk ‘Contemplatorium’ (No.18) op de Sterrenberg kan ik geen chocola maken.

Ik moet een stukje langs de Apeldoornseweg van Otterlo naar Ede, maar dan binnendoor naar het uitkijkpunt op de Valenberg, met een weids uitzicht over de verre omgeving. Voor ‘Blik op de Valenberg’ (No.19) was geen kunstenaar nodig. Ik dacht vooraf dat ik nog nooit op de Valenberg was geweest, tot ik mijn verhaaltje ‘Achtertuin’ teruglas (In: Tureluren, 2015). 

Ik ben terug bij Boerderij Mossel en fiets richting Ede. Op de heide ligt een proefveld van de Universiteit van Amsterdam (UvA) voor droogteonderzoek. Schuine doorzichtige golfplaten op een aantal proefveldjes moeten een groot deel van de regen afvangen. Welke regen? Er wordt nagegaan hoe de natuur zich herstelt na een periode van extreme droogte. Geen overbodige luxe in deze tijden waarin Nederland zich moet omvormen van waterverjager tot waterverzamelaar.

In een weilandje langs de Kreelseweg staan een aantal geschakelde grote schilderijlijsten ‘Room with a view’ (No.12), waardoor je de omgeving vanuit verschillende gezichtspunten kunt beschouwen, een idee van Polly’s Picture Show.

Langs deze weg liggen enkele vlonderpaden naar vennen met namen als Plas van Gent en Kreelse Plas. Hier is het genieten van de juffers en de libellen op de waterplanten.

In het Edesebos ligt de ‘Boskapel’ (No.11), een grappige polyester constructie van Natasha Rijkhoff en Gijsbert van der Wilt. Via een trappetje klim je naar binnen naar een soort badkuip waar je in kunt gaan liggen om naar de boomkruinen en de lucht te staren. De badkuip heeft een echte waterafvoer (voor welke regen?) en er hangen een veger en blik en een droogdoekje om de boskapel in nette staat achter te laten.       

Via de voormalige kazerneterreinen van Ede met grootse nieuwbouw fiets ik tussen de Ginkelse Heide en bosgebied De Sijsselt terug richting Panoramahoeve. Langs het fietspad een eenzaam exemplaar van de brede wespenorchis in volle vruchtdracht. Ik vraag me altijd weer af hoe een grote orchidee op zo’n standplaats weet te overleven. En over een oude boomstronk klimt een grote populatie van de heggenduizendknoop, die ik pas kan onderscheiden van de winde’s door zijn kleine gevleugelde vruchtjes.

Bij een bruggetje over de Renkumsebeek neemt Eveline Kieskamp middels haar ‘Look at me!’ (No.5) een voorschot op het natuurproject ‘Hert aan de Rijn’. Langs het water staat een blauw edelhert en in het water enkele groene freaks die met hun verrekijker naar natuurfenomenen lopen te zoeken. Dit hert heeft overigens nog een flinke hindernis te nemen (de N225 tussen Wageningen en Renkum) vóór het veilig aan de Rijn staat. Hij kan dan wél zo nodig de Veluwe verruilen voor de Betuwe via de droge bedding van de Rijn.

Bij het Natuurvriendenhuis De Bosbeek van het Nivon en op Landgoed Quadenoord zijn de overige vier ‘Artists in Residence’ (Nos. 3, 4, 6, 7) aan het werk. Ook hier krijg ik geen zicht op, afgezien van een beginnend werkstuk een eindje stroomafwaarts in het beekdal. Twee losse metalen raamwerken die straks boven op elkaar een waterdraagster moeten gaan voorstellen in deze tijd van watergebrek (No.3). Het raamwerk wordt deels gedicht met vlechtwerk van stevige loten van Amerikaanse eik en Amerikaanse vogelkers.  Er hangt een briefje aan het metalen raamwerk: ‘We zijn even takken knippen. Akunzo’.   

Gepost: 7 September 2022

Fietsroutes Woest&Bijster, site-specific artfestival (65 km)

Meest recente reacties

19.11 | 12:49

Nu America werd opgericht door mensen die niet naar het echte America wilden emigreren.

19.11 | 12:46

Het bijzondere van het Molukse kamp dat het allemaal moslims waren.

19.11 | 10:54

Van het Molukse Kamp wist ik niet, maar het verbaast me niet, want die zijn in alle uithoeken van Nederland neergepoot.

19.11 | 10:51

Hoi Dirk,
Ja , ik heb Ny Amerika wel op een wegwijzer zien staan, maar heb nergens kunnen vinden waarom dit buurtschap naar Amerika is vernoemd.

Deel deze pagina